maandag 17 september 2018

Vers Roeselare

Bericht overgenomen van De Schaal van Digther

Op zondag 9/9/2018 ging in Roeselare de eerste editie van “Vers Roeselare’ door. Op vier
prachtlocaties in de binnenstad lazen achttien dichters voor uit eigen werk. Op vraag van de initiatiefnemers Tom Veys en Daniel Billiet schreven deze dichters telkens ook een nieuw gedicht dat hun locatie poëtisch in beeld bracht. Zo onstonden er 18 gloednieuwe “Roeselaarse” gedichten.

Bij Galerij Ne9enpuntne9en schreven Daniel Billiet, Hilde Pinnoo, Christina Vanderhaeghe en Philip Volckaert elk een nieuw gedicht. De Klokkentoren Sint-Michiel was dé bron van inspiratie voor Erica De Stercke, Edward Hoornaert, Philip Meersman en Christophe Vansteelant. De oude Begraafplaats was dan weer een locatie op maat van Patrick Cornillie, Gust Peeters, Lise Surmont, Joost Vanbrussel en Reinout Verbeke. En de bijzondere stilteplek die in Roeselare De Bremstruik heet leverde nieuwe gedichten op van Anne Cockaerts, Gilbert Coghe, Astrid Dewancker, Paul Rigolle en Tom Veys.

De gloednieuwe gedichten werden in een mooi slotmoment nog ’s keurig één voor één door de dichters voorgelezen op de onvolprezen en altijd wel poëtische K-Trolle-site.

De locatiegedichten kunnen, samen met van elke dichter nog een ander gedicht, nagelezen worden in een mooi bloemlezend boekje “Vers Roeselare” dat werd uitgegeven door de Uitgeverij Bibliodroom.

36 gedichten voor tien euro. Géén geld!

Meer info en bestellingen: Uitgeverij Bibliodroom

#vanrsl #versRoeselare

http://www.bibliodroom.be/node/96

http://www.bibliodroom.be/node/96



(P.R.)


zaterdag 25 augustus 2018

Als een nevel - Zeven vormen van onvoltooidheid

Nu we de warmte van de Hondsdagen van die verhitte zomer van laatst alweer even achter de rug hebben, mag het wat ons betreft “flink wat koeler”. En... mogen de teksten die ons - ietwat highbrow of niet - dagelijks bereiken best weer wat zwaarder op de hand gaan liggen. Het recentste zomernummer van de Witte Raaf (nr 194) staat op allerlei manieren stil bij het ogenblik wanneer een kunstwerk zijn eindpunt bereikt. Of geacht wordt dat te bereiken. En dan is er de logische vraag of een plastisch werk hoedanook ooit wel 's als "af" kan worden beschouwd. Christophe Van Gerrewey van wie we op essayistisch vlak al een en ander aan origineel werk gewoon zijn geworden ('50 essays over alles en voor iedereen') onderzoekt in zijn mooie inleiding "Zeven soorten onvoltooidheid" de mogelijkheden waarin kunst onaf kan zijn. Het is een zeer lezenswaardig stuk geworden waarin de ene passage na de andere zich laat aanstrepen. Zo noteren we al in het begin:

"Elk kunstwerk of cultuurproduct is als een nevel met onduidelijke contouren en eigenschappen, die als waterdruppels condenseren tegen de brilglazen waardoor iemand naar de wereld kijkt. Het gaat om een fundamentele vorm van artistieke onvoltooidheid, die overeenstemt met een modern mensbeeld, dat ondenkbaar is zonder individualisme (we kunnen nooit zeker zijn dat twee mensen iets op dezelfde manier ervaren of begrijpen); dat drijft op verschil en op afwisselend frustrerende en bevrijdende onzekerheid (geen enkele interpretatie is objectief gezien juister dan de andere); en dat nooit tot voorspelbare en constante actie kan leiden (want wat vandaag waarachtige betekenis lijkt, kan morgen in het tegendeel omslaan)."

Mooi om dat en ondermeer de snuifjes Paul Valéry (‘L’esquisse valut le tableau’) die mee de inleiding kruiden, doorheen de rest van het zomernummer mee te nemen. Daarin  hebben, zoals het ook te lezen staat in het colofon, Laurie Cluitmans, Moosje M. Goosen, Kim Gorus, Roel Griffioen, Daniël Rovers en Koen Sels het daarna elk op zijn eigen manier over  een onafgewerkt gebleven kunstwerk of project. Sven Lütticken schrijft over de Duitse kunstenaar Günther Förg en over diens band met het Stedelijk Museum Amsterdam. Bram Ieven heeft het over de blijvende uitdaging van kunstbeweging De Stijl. Het nummer besluit met nooit eerder vertaalde fragmenten uit het (onvoltooide) boek van Jean-Paul Sartre over enkele doodgeboren projecten van Gustave Flaubert: L’Idiot de la famille.

Mooi nummer! En het aardige is daarbij dat een groot aantal teksten waaronder ook de inleiding van Christophe Van Gerrewey rechtstreeks on-line te lezen zijn.

De Witte Raaf is een gratis meeneemkrant. Wil je De Witte Raaf in je bus of wil je het tijdschrift financieel ondersteunen, dan kan je een (steun)abonnement nemen. Een abonnement kost 30 euro. Een steunabonnement kost 60 euro.

Het volgende nummer (nr. 195, September-Oktober 2018) gaat over 'Conservatisme(n)'.

dinsdag 31 juli 2018

Marx. 'Het egocentrische ik' versus 'het onmisbare wij'























Terwijl in Trier de tweehonderdste geboortedag van Karl Marx wordt herdacht was hij – Marx - gisterennamiddag ook helemaal terug in ... Oostende. Daar zorgde auteur-filosoof-singer-songwriter Stefaan Van Brabandt met "Marx" voor, zijn meer dan prikkelende toneelversie over een leven vol Misverstanden. Sterk en af en toe aandoenlijk werk! Na afloop van zijn solovoorstelling viel acteur Johan Heldenbergh geheel en al terecht een staande ovatie te beurt. Een glansprestatie die voor nog veel meer extra-voorstellingen als die van gisterennamiddag op #TAZ2018-Theater aan Zee zou moeten zorgen! Voor sommige - arglistige cultuurcritici onder ons - was het stuk wat te essayistisch van aard.

Voor ons was dit een brok acteurstheater dat ons actuele politieke en culturele klimaat, waarin zoveel dingen zomaar klakkeloos zonder boe of ba geslikt worden, best kan gebruiken. Naar inhoud en naar thema! Heldenbergh kroop perfect in de huid van een man wiens ideeën in de loop van de geschiedenis bijna permanent verkracht en gemolesteerd werden in naam van een macht en een isme dat daar helemaal niet aan beantwoordde.

Een zéér eigentijdse oefening ook over de spanning tussen "het egocentrische ik" en "het onmisbare wij". Een fijn eerherstel, dat was "Marx" gisteren! Ter lering voor wie daar maar oren naar heeft. Oren én vooral ook hart!

#Marx #TAZ2018

Extern:
Thuissite Stefaan Van Brabandt
Marx was ook maar een mens - Recensie De Tijd
De zelfspot is nooit ver weg - Recensie De Morgen
Free your mind. The rest will follow. Brief aan Johan Heldenbergh

Extra-voorstelling op 16/8/2018 - OLT Rivierenhof-Deurne

donderdag 19 juli 2018

Vers Roeselare (1)

Op zondag 9 september 2018 gaat in mijn geboortestad Roeselare de eerste editie van "Vers Roeselare" door. Nu al iedereen welkom!

maandag 16 juli 2018

Ruimte

Het nieuwe AZ Zeno-ziekenhuis in Knokke-Heist is een heel mooie oefening in het omgaan met de Ruimte geworden... Nu al weet ik: dit is een (nieuwe) plaats waar ik af en toe heel graag terug wil komen...

dinsdag 5 juni 2018

Een Ice Queen in Ruiselede

zaterdag 2 juni 2018

Ongeluk ligt nog lang niet aan een paal gebonden

Iets ademloos. Af en toe mag het iets ademloos zijn! In het laatste weekend van de tentoonstelling 'Haute Lecture by Colard Mansion' in het Brugse Groeningemuseum zéér ingetogen (en zelfs een beetje van slag), voor de 9 gravures staan die deel uitmaken van ‘de Boccaccio’ van Mansion!

We schrijven 1476! “De la ruyne (ruïne) des nobles hommes et femmes” heet het boek dat de
dichter Giovanni Boccacio een eeuw eerder schreef in Florence. Mansion gaf het in 1476 in Brugge uit als eerste boek ooit dat voorzien was van gravures. Voor ademloosheid zorgt bij mij vooral de prent die rechtstreeks voor deze expo vanuit het Louvre naar Brugge werd gehaald en waarop Armoede het gevecht aangaat met Fortuna. Volgens de overlevering kijkt Vrouwe Fortuna neer op Armoede en beledigt haar veelvuldig. Armoede laat zich evenwel niet doen en rost Fortuna af met een tak. Uiteindelijk komt Armoede als winnares uit de strijd en eist dat Fortuna niet langer rampspoed brengt en Ongeluk aan een paal bindt. Flink allegorisch toch. De prent is een van de negen die ook afzonderlijk in de tentoonstelling aanwezig zijn…

Maar “de Boccaccio” is niet het enige hoogtepunt is in deze uitzonderlijke “tour de force” tentoonstelling. Aan het eind van onze Mansion-queeste wacht ons immers nog de verbluffende aanblik van de houtgravures die horen bij Mansion’s editie van de Métamorphosen van Ovidius. Na deze uitgave verdween Mansion zonder veel sporen na te laten uit Brugge en als van de aardbol… Als gevlucht. Bevreemdend einde van een leven?

De Metamorfosen van Ovidius kwamen we overigens laatst ook nog tegen in het mooie “Voor het vergeten” van Peter Verhelst. Het maakt in Brugge zowaar een cirkel rond… We nemen ze mee naar buiten, die ademloosheid, vergeten dat buiten in de Grote wereld mensen op hun belastingsaangiftes aangeven absoluut geen prioriteit te willen geven aan cultuur en ‘Grote leiders’ onbeschaamd uitpakken met ‘Victim Blaming’… Dat “Ongeluk nog lang niet aan een paal gebonden ligt”, ach we weten het wel. Maar even kunnen we er wel weer tegen, tegen de wereld. Het is ‘de Troost van kunst en schoonheid’ die ons gaande houdt. Blijft houden. Mag houden. Buiten zorgen de zomerregens van 1 juni voor afkoeling in de late namiddag. Ademen, herademen… Haute Lecture by Colard Mansion? Een expo net zo bedwelmend als ozon heet te zijn na een onweer.

Expo: Haute Lecture by Colard Mansion – Brugge Groeninge Museum – nog t.e.m. zondag 3/6/2018

Extern
Bruges printer conquers the world
Haute lecture”: een schat aan vroege boeken te zien in Brugge


zondag 20 mei 2018

Allo met Gilbert - Hommage aan Gilbert Degryse

"Het is maar wat het is en ik ben maar wie ik ben"

 

















Van sommige kunstenaars, of zeggen we beter, van sommige mensen, mannen en vrouwen, die zich zowat hun hele leven passioneel laten leiden door de wankele wegen van hun eigen creativiteit zegt men, nogal vlug én altijd zeer achteraf, dat ze als artiest ‘erg verdienstelijk’ waren. Dat ze werk maakten en afleverden dat zéér gezien mocht zijn… Het zijn het soort mensen, de mannen en de vrouwen, die zelden een definitieve plaats verkrijgen in “de Galerijen van De Grote Wereld van de Kunst” waarin, dat weten we, maar al te vaak nog een pak andere normen gelden dan die van de passie van de artiest zelf. De Grote Kunstwereld heeft immers maar zelden een boodschap aan zij die het “net niet” haalden… Aan hen die net tussen de mazen van de (w)aandacht wisten te glippen en de Eeuwigheid aan hun naam voorbij zagen gaan. Het zij zo, en het is niet één van de dingen om écht wakker van te liggen in dit leven.

Gilbert Degryse (°17/3/1946 - +5/4/2017) die verleden jaar heel onverwacht overleed, was geen man om zich veel aan de canons van de moderne kunst gelegen te laten. Eigengereid en bewust van zijn eigen artisticiteit ging hij vrank zijn eigen weg. Zijn vrienden uit zijn Homeland in het Westen, de driehoek Menen-Diksmuide-Ieper, hadden en hebben dat goed begrepen. Een goed jaar na Gilbert’s dood zorgen ze dit voorjaar met “Allo met Gilbert” voor een mooie en drieledige hommage waarin ze hem blijvend gedenken als een man, een reus, die hoewel niet altijd het meest gelukkige leven kennend, wel altijd – lassend, timmerend en jonglerend - eigengereid zijn eigen kunstzinnige weg is blijven gaan.

De tentoonstelling “Wonderkamer” die dit voorjaar als eerste luik van de hommage doorging in CC De Steiger in Menen, gaf een inkijk in het atelier en de denkprocessen van de kunstenaar en een overzicht van de vele vormen, materialen en objecten waarmee hij experimenteerde.

Nog tot en met komende maandag 21/5/2018 - men moet stilaan haast beginnen maken - kan men terecht in dat andere huis van vertrouwen dat in Diksmuide Galerie Montanus.5 heet. RoBie Van Outryve en Noëlla Hommez, het aimabele gastcomité van de Galerie herinneren zich Gilbert Degryse en ook Noël Drieghe, een andere vriend des huizes die al in 2016 overleed, en die mee in de hommage aan Gilbert betrokken wordt, als twee innemende persoonlijkheden die een eerlijk en gevarieerd oeuvre nalieten. Opvallend in Diksmuide is dat er heel veel werk van Gilbert Degryse tentoongesteld wordt dat speciaal voor deze expo en met graagte in bruikleen werd gegeven.

Na het Diksmuide-luik van “Allo met Gilbert” gaat van 24/5/2018 t.e.m. 30/6/2018 in CC Het Perron in Ieper “Ontrafelen” door. In deze tentoonstelling belooft men ons een eerbetoon aan iemand die steeds bescheiden maar overal sterk en ‘groots’ aanwezig was. Hier twijfelen we er geen ogenblik aan dat dat ook daar het geval zal zijn.

De drieledige hommage die door zijn vrienden werd opgezet geeft een warm en levendig beeld hoe waardevol Gilbert Degryse, als mens en als kunstenaar is geweest. Als niet een wist Gilbert schoonheid te puren uit dingen en vormen die meestal als overbodig en als banaliteit of schroot aan de kant werden geschoven. Sommige mensen zijn minder dood dan de andere. Gilbert Degryse is een van hen!

Extern:
* 29/4/2018 t/m - "Allo, met Gilbert" – Montanus Diksmuide - Hommage tentoonstelling aan 2 overleden vrienden-kunstenaars – Gilbert Degryse en Noël Drieghe - Vr-Zo van 10:00 tot 18:00 u.

* 24/5/2018 t.e.m. 30/6/2018 – “Ontrafelen” - CC het Perron – Ieper - Vr-Zo van 10:00 tot 17:00 u.

Bij de tentoonstelling hoort ook een verzorgde monografie “Een hommage aan kunstenaar Gilbert Degryse (1946-2017) die men voor het schamele bedrag van 8 euro mee naar huis mag nemen. Tom Van Ryckeghem die een aantal “waarlijk onsterfelijke” portretten van Gilbert maakte, stond in voor de vormgeving. Een boek om als herinnering aan Gilbert binnen handbereik te weten en te houden!

Website CC De Steiger Menen
Website Montanus.5 Diksmuide
Website CC Het Perron Ieper 

Website Tom Van Ryckeghem  
Instagram Tom Van Ryckeghem  
Website Noël Drieghe
Openbaar Facebook-profiel Gilbert Degryse
  

Twitterdingen: #allometgilbert #desteiger #montanus.5 #perronieper #gilbertdegryse

C. Foto - Paul Rigolle & Montanus.5

C. Foto - Paul Rigolle & Montanus.5

C. Foto - Paul Rigolle & Montanus.5

C. Foto - Paul Rigolle & Montanus.5

C. Foto - Paul Rigolle & Montanus.5



donderdag 17 mei 2018

Dichters in Puivelde

Dichters en de koers... Sinds Geelzucht- en andere literaire wielerexperimenten weten we dat het een wel vaker voorkomende combinatie is. Alsof de berelastige slome activiteit van het schrijven aspecten vertoont die ze verwant maakt aan wat de coureurs dagdagelijks moeten opbrengen om “ergens heelhuids aan te komen”. “De dichter als coureur”, quoi?

Gisteren was het onooglijke maar ferm kermisvierende Puivelde, de woonplaats van dichter en auteur Frank Pollet, opnieuw de jaarlijkse afspraak om enkele soortgenoten en Geelzucht-igen van het eerste uur samen te brengen. Een aantal ouwe getrouwen als Bert Bevers, Norbert De Beule en Fleur De Meyer diende dit jaar om uiteenlopende redenen forfait te geven. Frank Pollet, Patrick Cornillie, Karel De Clercq, jawel vader van, en ikzelf waren wél in live-versie op de afspraak.
Vlnr Frank Pollet, Patrick Cornillie, Karel Declercq en Paul Rigolle
Het tienjarig dichterlijke lustrum komt zo in Puivelde met de editie van 2020  langzamerhand in het vizier. Gisteren stonden niet minder dan 160 renners aan de start. De wedstrijd was aan haar 53° aflevering toe al wordt het wel ’s tijd dat de Albertvrienden hun website wat gaan bijwerken. Traditioneel stonden er tussen de deelnemers heel wat cyclo-crossers die in Puivelde -Koerse heraanknoopten met de competitie. Voor de start werd Sep Vanmarcke bij vriend en bookmaker naar voor geschoven als de grote kandidaat-winnaar. Puivelde Koerse editie 53 werd  een geanimeerde wedstrijd waarin Sep, zoals we dat van hem gewoon zijn, zijn verantwoordelijkheid als groot klassiek coureur niet uit de weg ging. Nadat renners en volgers een paar zachte plensbuien te verwerken hadden gekregen - sein om ons even in de luwte te gaan ophouden - schoven uiteindelijk drie man weg uit een omvangrijke kopgroep. Het scheelde in de sprint maar een haar of smaakmaker en rugnummer …160, Matthias De Witte kon zijn eerste overwinning bij de profs wegkapen. Dat was evenwel zonder Dennis Coenen gerekend die met de bloemen naar huis ging. Jonas Rickaert stond mee op het podium terwijl Sep Vanmarcke de spurt won van wat overbleef.
Volgend jaar opnieuw! Voor renners; en voor... dichters.

Live-verslag bij TV-Oost




zondag 13 mei 2018

Inktspat punt com

Omwille van 'het onverdrotene' nomineer ik vandaag "voor eeuwige aandacht" de literaire site "Inktspat punt com". Sinds jaar en dag, en dat "onverdroten" sedert maart 2005, noteert Peter Bormans met zichtbaar en ingetogen plezier datgene wat moet worden genoteerd!

maandag 19 maart 2018

Meester Claus

Wat hebben mensen met dode dichters? Wat hebben mensen met dode schrijvers als Hugo Claus? Veel meer dan we vermoeden! Ook tien jaar na zijn vrijwillige uittocht blijven we ‘de Man van vele
kunsten en kunstjes’ herdenken, en dat is, tot spijt van wie het benijdt, helemaal zoals het hoort. Overal, het is geen toeval, kun je dezer dagen naar expo’s met of zonder oesters maar altijd wel met veel ‘con amore’. Klassiekers worden herlezen. Nieuwe bloemlezingen zien het licht. Televisiedocumentaires zoomen in op leven en werk. Er zijn voorstellingen en er zijn literaire avonden alom. Clausminnaars halen de harten op, anderen bij zoveel Clausgeroezemoes de neus. Zo gaat dat bij herdenkingen. Voor- en tegens halen de tijdlijnen. Gisteren was ik in Kortrijk voor een Penhuis-programma rond het parcours in de stad dat aan de hand van die grote Claus-roman ‘Het verdriet van België” nu ook in een audiowandeling perfect kan worden nagelopen. Cees Nooteboom en Jan Vanriet diepten herinneringen van het eerste en het laatste uur op aan de man, de literaire reus, die minder sterfelijk blijkt dan de meeste andere stervelingen. Ze werden daarbij zeer vakkundig en lenig begeleid door Kevin Absillis van het Claus- studie- en documentatiecentrum die zich tevens een meester toonde in het hanteren van spoken in de vorm van weerbarstige powerpoint-voorstellingen. Het werd een heel mooie voormiddag gelardeerd met sneeuwvlokken in maart die voor de ramen van de Budafabriek een lichte toets van hemelse vergankelijkheid toevoegden aan de vele warme woorden.

Claus zelf zou, dat weten en vermoeden we, met zijn meesterlijk Ironisch Vermogen al die herdenkingsmomenten maar niks gevonden hebben. Ballast en Tierlantijnen. Franje. Maar wij, als Clausfans én believers van het eerste uur, hebben daar veel minder moeite mee. Er gaat nauwelijks een week voorbij of we zien onze eigen hand de gedichtenkast ingaan 
om er met iets van Claus weer uit te komen. Mijn eigen herinneringen zijn geen herinneringen aan de man maar aan het werk. Ik las ‘Het Verdriet’, halve jongeling nog, gaf mij over aan ‘de Verwondering’, liep onrustig in mijn eigen Hondsdagen te konkelfoezen, leerde Oostakkerse en andere gedichten van buiten. Hield van het Claus-universum en van het weidse Registreren. Want het was toch vooral de poëzie die mij vroeg in de jaren zeventig een opdonder gaf waarvan ik niet eens meer zou en wou herstellen. Wat de taal vermocht is waar Claus voor stond! Niet gering was het. Het proza van Claus mag dan intussen voor sommigen hopeloos ‘gedateerd’ zijn geraakt, en nauwelijks te onderwijzen, zijn poëzie is wat mij betreft niet te dateren. Vaak komen op bewaakte en onbewaakte ogenblikken verzen en flarden Claus opnieuw spoken in mijn hoofd… Is het de ontvankelijkheid van de jeugd die ik mij van toen herinner en die niet overgaat? Het kan. In elk geval hoort Hugo Claus al jaren, nu al tien zijn het er, bij het kransje van mijn meest geliefde doden. Het kan raar klinken voor iemand die je nooit persoonlijk hebt gekend, maar ik mis de man, de schrijver en de kunstenaar, om zijn werk en om zijn blik, om zijn lucide kijk en commentaar op de wereld, zijn ironisch en meesterlijk hanteren van de media in plaats van wat we vandaag de dag zo vaak zien gebeuren zich te lenen tot de plat-op-de-buik-gang voor een morzeltje mediaaandacht. Claus is nog lang niet dood. Dood is alleen wie is vergeten. En wie als dode schrijver niet meer wordt gelezen.

Extern
Tentoonstelling LetterenhuisAchter vele maskers – Letterenhuis
Bozar – Con Amore 
Audiowandeling in Kortrijk - Het Verdriet van België

#heimweenaarClaus


dinsdag 13 maart 2018

Kleine dienstmededeling

Vanaf vandaag ben ik mailsgewijs niet meer, of toch nog slechts een tijdje, te bereiken op mijn ouwe skynet-emailadressen.
Mijn nieuwe adres: paul.m.rigolle AT gmail.com

Dank om dat te noteren!

vrijdag 26 januari 2018

Goudlicht en avondschijn







































De ouwe Gorter achterna... "Goudlicht en avondschijn". Of alle gedichten in de bloemlezing ook Goudlicht in zich dragen, moet nog worden uitgemaakt. Zelf prijs ik mij alvast gelukkig om (opnieuw) één van de honderd te zijn. "Pentagram" is de titel... Benieuwd of dit Turing-gedicht van mij op 31/1 ek. ook de tocht naar "de Rode Hoed" in Amsterdam doorstaat... Mijn gedicht en de andere 99 kun je alvast hier nalezen! Er blijken overigens nogal wat bekende (en mij zeer bekende en vertrouwde) namen bij de  laatste 100 te zitten... Succes aan iedereen! @dichtwedstrijd @turinggedichtenwedstrijd

Extern:
Goudlicht en avondschijn (bloemlezing Poëziecentrum)
Turing-Top 100 - Editie 2017
Turing-Gedichtenwedstrijd

woensdag 24 januari 2018

In oude kranten zocht ik naar de wereld (2)




















"Dingen die men bijvoorbeeld vindt bij het opruimen van archieven"...

De Streuvels-krant is van zaterdag 16/8/1969 en die ouwe Humo - mét hét levensverhaal van Rik Van Looy - dateert van ... 3 oktober 1963. Net geen tien jaar was ik! Rik Van Looy net geen dertig... Eén van de 'statements' in dat Van Looy-interview: "Een kampioen is geen hersenloze krachtmens". Dat we dat maar weten!