zaterdag 9 juli 2016

Vézelay

Waar de Gele Draak van mijn diepe buiging
zal vernemen bereikt de reis het punt
waar ik wil blijven! Waait het vermoeden weg
van wat wij nog willen weten.

Geen kei meer wil het zijn, geen ronding,
maar gewoon iets dat bloeit om voorgoed
te kunnen sterven. Fruit dat beurs de herfst
zal spekken. Tranen die zich in een lied
vol smart op flessen laten trekken.

Het zal mij suiker eten.
Het zal mij grazen.

Berouw en lippendienst voorbij. Geen agenda
zal ons hier verbergen. Waar de blik
verdwaalt en hapert blijf ik staan en luister.

Hoor hoe het klingelt in de verte.


© Paul Rigolle


Uit ‘Tot het bestaat’ – uitg. C. de Vries-Brouwers, 2013


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen